Een ander woord voor
zever
53 synoniemen, in 4 betekenissen.
lichaamsvocht uit de mond3
Algemener: daarmee uit, secretie, uitscheiding, afscheiding, vloeistof, nat
onzin22
- flauwekul
- klets
- geklets
- dwaasheid
- kletspraat
- kul
- kletskoek
- gezwets
- gezwam
- geneuzel
- gewauwel
- kolder
- gekwek
- apekool
- gekakel
- kwatsch
- gebeuzel
- geraaskal
- flauwe kul
- beuzelarij
- kwezelarij
- gekkenpraat
Algemener: nonsens
iemand die onzin vertelt25
- zeur
- zaag
- huilebalk
- zeurkous
- teem
- zanik
- zemel
- janker
- jengel
- zeiker
- griener
- jankerd
- oudwijf
- zageman
- zaniker
- zemelap
- kniesoor
- huilbaby
- jankepot
- zanikpot
- zeiksnor
- zeikvent
- zemelaar
- jammeraar
- zeikstraal
Algemener: individu, deze of gene, iemand, figuur